Films bij INNERCOMA: The Holy Mountain & Rize - meer

05.08.2010 om 22u30

The Holy Mountain (1973) Alejandro Jodorowsky
Mexico/Verenigde Staten, 114min

Met: Alejandro Jodorowsky, Horacio Salinas, Zamira Saunders e.a.

Een van de eigenzinnigste cineasten die het Zuid-Amerikaanse continent voortbracht heet Alejandro Jodorowsky. Op zijn 16de publiceerde hij reeds gedichten die geïnspireerd waren door de films die hij zag en de boeken die hij las. Nadien focuste hij zich op het poppenspel en mime om niet veel later te beginnen acteren. Tijdens een trip naar Parijs kwam hij in contact met het toneelgezelschap van Marcel Marceau. Hij zou hen vervoegen en samen met hen de hele wereld rondreizen.

Zijn eerste filmstapjes zette hij in 1957 met La cravate, een bewerking van een roman van Thomas Mann. Midden jaren zestig vestigde het artistiek manusje-van-alles zich in Mexico. Daar draaide hij in 1967 zijn tweede langspeler ‘Fando y Lis’. Twee jaar later volgde zijn bekendste prent El Topo. En nog eens twee jaar later werd The Holy Mountain uitgebracht. Beatle John Lennon was één van de velen die bakken geld in deze metafysische roadmovie pompten. Jodorowsky kon zich dan ook volledig laten gaan en organiseerde voorbereidende yogasessies voor cast en crew. Tijdens de opnames trakteerde hij zijn medewerkers dan weer op lsd en paddo’s. Het geflipte eindresultaat liegt er niet om.

Rize (2005) David LaChapelle
Verenigde Staten, 84min

“Er zitten meer zwarte Amerikanen in de gevangenis dan op een universiteit. Bijna een kwart van de kleurlingen leeft onder de armoedegrens. Het inkomen van blanken en Aziaten is gemiddeld twee keer hoger dan dat van negers en Latino's. In 1994 was 43 procent van de gearresteerden, 54 procent van de veroordeelden en 59 procent van de gevangenen Afro-Amerikaans. Segregatie is bij wet verboden, maar getto's zijn al sinds de jaren '60 de strafkolonies van de Amerikaanse samenleving. En toen was daar een clown. Na de 'LA riots' van 1992 besloot Tommy-de-drugsdealer dat het tijd was voor iets positiefs. Hij trok een felkleurig pak aan, beschilderde zijn gezicht, zette een regenboogpruik op, wierp een zooitje luidsprekers in de achterbak van zijn auto en begon op straat te dansen. Tommy de Hiphop Dansclown was geboren.

In Rize van David LaChapelle is te zien hoe zijn clowndansen een alternatief wordt voor de overal aanwezige bendes. Ik schiet niet, nee, ik dans de frustraties van mij af. Ik ben geen lid van de Bloods of de Crips, maar van de Clowns. En hoewel de aanwezigheid van een hippe modefotograaf - LaChapelle is een wereldberoemde beeldmaker voor grote bladen als Vogue, Rolling Stone en Vanity Fair - anders doet vermoeden, is hier geen sprake van een tijdelijk eigentijdse trend. Niets is zo tijdelijk als eigentijds. Dit is een levenswijze, een overlevingsstrategie, een uitingsvorm: getto ballet. Sinds de komst van het clowndansen zijn er meer dan vijftig verschillende bendes ontstaan, elk met hun eigen kleuren en gebruiken. En elk van hen wil zich in het dansen onderscheiden ten overstaan van alle anderen. En dat dansen? Zien is geloven. Vorig jaar organiseerde Tommy in een sporthalarena een strijd tussen de twee dominante stromingen: het meer vrolijke clowndansen en het grimmige, rauwe vechtdansen: krumpin'. Telkens twee gladiatoren streden daar met de bewegingen van hun lichaam, tegen elkaar en met elkaar, om samen de uitlaatklep open te zetten en allen individueel met een stuk minder frustratie naar huis te kunnen gaan. Bewegingskunst die gegarandeerd zonder overheidssubsidie tot stand is gekomen.” (bron: Mike Naafs, De Filmkrant)